Depressieve Stoornis







Er kan gesproken worden over een depressieve stoornis, dit is een depressie, ook wordt er wel eens gesproken over een verstoring van de stemming naar beneden. Mensen met een depressieve stoornis zijn vaak somber, lusteloos, vlak en neerslachtig. Ze hebben geen zin om iets te ondernemen en zijn het liefst alleen thuis, ze zoeken veiligheid en vertrouwen. Deze depressieve stoornis gaan vaak samen met angststoornissen. Ongeveer tien procent van de mensen heeft te maken met een depressie, vrouwen hebben er vaker last van dan mannen. Een depressie kan na een paar weken voorbij zijn. Wanneer er echter sprake is van een ernstige depressieve stoornis, dan kan dit maanden tot jaren duren voordat iemand weer zichzelf is. Er is dan ook langdurig deskundige begeleiding nodig. Het kan zijn dat iemand last heeft van een wisselende stemming. Dat kan het dagelijkse leven behoorlijk negatief beïnvloeden. Hier kan dan medicatie voor worden gegeven, dat zorgt er voor dat de stemmingen wat meer afgevlakt worden. Dit wil uiteraard niet zeggen dat iemand ineens weer zijn oude persoonlijkheid terug heeft, dat zeker niet. Medicatie heeft vier tot zes weken nodig om in te werken en dan is het nog maar de vraag of dat de medicatie aanslaat. Er zijn namelijk erg veel verschillende soorten antidepressiva, er moet per situatie gekeken worden welke medicatie voor wie geschikt is. Na vier weken kan de arts samen met de patiënt beoordelen of dat deze voldoende helpt of dat er een andere keuze gemaakt moet worden.

De symptomen van een depressieve stoornis

De symptomen van een depressieve stoornis zijn belangrijk om te herkennen. Veel mensen kunnen niet meer genieten van dingen of geen plezier meer hebben. Ze zijn voortdurend moe en hebben geen energie, ze hebben ook het idee dat alles moeite kost en ze zijn trager met denken, bewegen en reageren, maar ze kunnen ook erg rusteloos en gejaagd zijn. Er kan sprake zijn van slaapproblemen, en in de ochtend kunnen ze vaak hun bed niet uitkomen. Ook kunnen er problemen zijn met eten, zoals geen eetlust meer hebben (afvallen) of ze kunnen juist vreetbuien hebben. Er kan ook sprake zijn van een toegenomen prikkelbaarheid, sneller geïrriteerd zijn. Ook concentratieproblemen horen er bij en een negatief zelfbeeld. Ze zeggen dat ze niets kunnen doen en halen nergens voldoening uit. Ze ervaren het zo ook, de hele dag kunnen ze niets doen omdat ze te moe zijn of zich er niet toe kunnen zetten, totaal geen energie hebben. Aan het einde van de dag denken ze na over wat ze nu gedaan hebben en dan voelen zij zich nutteloos en waardeloos. Dit is voor hen weer een stap in de verkeerde richting. Ze raken nog meer de weg kwijt en hebben ze nog minder zin om iets te ondernemen. Het negatieve zelfbeeld moet worden aangepakt, maar dat zal pas gaan wanneer diegene ook weet wat er aan de hand is. Het aanpakken van een depressieve stoornis wordt meestal gedaan onder begeleiding, wanneer de begeleiding niet voldoende is wordt er ook gekozen voor medicatie. Deze combinatie geeft vaak goede resultaten en krijgt de patiënt met een depressieve stoornis weer terug op de rails.